▼

woensdag 7 oktober 2026

241 De Gecorrumpeerde Muze

 Googleai:


De Wet van Goodhart in het Tijdperk van het ‘Simplexionisme’

In 1975 formuleerde de Britse econoom Charles Goodhart een wetmatigheid die destijds vooral bedoeld was voor het monetaire beleid, maar inmiddels is uitgegroeid tot een universele waarheid over menselijk gedrag: "Wanneer een maatstaf een doel wordt, ophoudt het een goede maatstaf te zijn." De wet van Goodhart legt bloot hoe systemen ontaarden zodra de indicator van succes belangrijker wordt dan de onderliggende waarde. Hoewel dit principe zich bij uitstek leidt voor spreadsheets en bedrijfsprocessen, voltrekt de meest tragische manifestatie ervan zich wellicht in de kunst. Zodra kunstenaars en instituten gaan sturen op kwantificeerbare metrics, verliest de kunst haar onmeetbare ziel. Deze dynamiek bereikt een paradoxaal hoogtepunt in wat we het 'simplexionisme' kunnen noemen: de kunstvorm die balanceert op de flinterdunne grens tussen bedrieglijke eenvoud (simpliciteit) en diepe conceptuele gelaagdheid (complexiteit).

De Gekwantificeerde Kunstenaar

Van oudsher is kunst het domein van de intrinsieke motivatie en de ongetemde creativiteit. Het laat zich niet vangen in vinkjes of statistieken. Echter, in ons huidige hyper-digitale en bureaucratische tijdperk is de kunstwereld geobsedeerd geraakt door meetbaarheid. Subsidiegevers eisen harde bezoekersaantallen en maatschappelijke impact-KPI's; de kunstmarkt eist voorspelbare veilingwaarden; en digitale platformen sturen op algoritmen die retentietijd en klikgedrag maximaliseren.
Hier treedt de wet van Goodhart genadeloos in werking. De maatstaf (bijvoorbeeld: hoeveel mensen kijken er naar dit werk, of past dit binnen de subsidie-eisen?) wordt het operationele doel. Het resultaat is een verschraling van het aanbod. Muzikanten schrijven kortere nummers met een directe 'hook' om de skiptracker van Spotify te misleiden. Musea programmeren 'veilige', blockbuster-tentoonstellingen die gegarandeerd de Instagram-feeds vullen, ten koste van het experimentele, schurende en ongemakkelijke werk dat de essentie van kunst vormt. De maatstaf heeft het oorspronkelijke doel – artistieke vernieuwing en reflectie – gecorrumpeerd.

De Paradox van het Simplexionisme

Binnen dit spanningsveld ontstaat de conceptuele stroming van het simplexionisme. Als intellectuele reactie op de overprikkeling van de moderne wereld probeert deze (hypothetische) stroming complexe, existentiële vraagstukken te reduceren tot een minimalistische, pure vorm. Het is de kunst van het weglaten: een bedrieglijk simpel object, een enkele lijn of een monochroom vlak dat tegelijkertijd een universum aan betekenis en complexiteit in zich draagt.
Wanneer het simplexionisme op zijn best is, overstijgt het de wet van Goodhart. Het weigert mee te gaan in de drang naar complexe, barokke esthetiek of gemakkelijke commerciële prikkels. De eenvoud is geen armoede, maar een bewuste, geconcentreerde keuze. De complexiteit zit hem in de ervaring van de beschouwer, die gedwongen wordt om te vertragen en de diepere lagen te ontdekken. Het is onmeetbaar, en daardoor immuun voor de wet van Goodhart.

Als Eenvoud een Trukje Wordt

Maar de wet van Goodhart is hardnekkig en haalt ook het simplexionisme in zodra de stroming institutionaliseert. Wanneer de kunstwereld 'simplexionistische eenvoud' gaat herkennen als een valide esthetische maatstaf, verandert de dynamiek. Galeries en critici gaan de uiterlijke kenmerken van de stroming – de kaalheid, het minimalisme – hanteren als dé indicator voor intellectuele hoogstaandheid.
Op dat moment wordt de uiterlijke eenvoud een doel op zich. De kunstenaar produceert niet langer vanuit een innerlijke noodzaak om complexiteit te reduceren; hij produceert een leeg, minimalistisch object omdat hij weet dat de maatstaf (de markt, de elite) dit beloont. Het simplexionisme degenereert van een diepgaand filosofisch onderzoek tot een zielloos trucje – een witte streep op een wit doek, zonder bezieling, puur gemaakt om aan de verwachting te voldoen. De maatstaf heeft de vorm overgenomen, en de inhoud is verdampt.

Conclusie

De wet van Goodhart herinnert ons eraan dat de belangrijkste dingen in het leven – liefde, geluk en kunst – zich niet laten vangen in een spreadsheet of een rigide definitie. Het simplexionisme laat zien dat de ware kracht van kunst ligt in de ongrijpbare spanning tussen de eenvoud van de vorm en de complexiteit van de menselijke ervaring. Zodra we proberen die spanning te objectiveren en te sturen op metrics, vervalt kunst in decoratie of marketing. Om de kunst te redden, moeten we durven vertrouwen op het onmeetbare, en accepteren dat een goede maatstaf ophoudt te bestaan zodra we hem tot onze god verheffen.